Andere relevante regelgeving
Naast stikstof spelen ook andere regelgevingen een belangrijke rol in de veehouderij.
Het stikstofdecreet is niet de enige regelgeving waarmee je als veehouder rekening moet houden. Geur, fijnstof en broeikasgassen hebben elk hun eigen regelgevend kader.
Broeikasgassen
Het Vlaams Energie- en Klimaatplan (VEKP) 2021-2030 streeft naar 40 % broeikasgasreductie ten opzichte van 2005. De Vlaamse land- en tuinbouwsector heeft een reductie van zijn broeikasgasuitstoot voor ogen van 22 % tegen 2030, met referentie 2005. Dat betekent concreet een reductie in uitstoot van 5,6 Mton CO2-eq. Ruim 2/3 van de emissies zit in de niet energetische groep, komende van vertering bij herkauwers, mestmanagement en de bodem. De grootste bijdrage in de reductie zit in de energetische emissies, maar deze is dan ook veel makkelijker aan te pakken. Een uitdaging voor de niet- energetische groep dus.
Met het Convenant Enterische Emissies Rundvee 2019-2030 (CEER) engageerden 15 organisaties zich om specifiek de enterische methaanemissies tegen 2030 met 19 % ten opzichte van 2005 te verminderen. Onderzoeksinstellingen, veevoederfabrikanten, overheid en landbouworganisaties ondertekenden de belofte om mee te werken aan de vermindering van methaanuitstoot die ontstaat bij het spijsverteringsproces bij rundvee.
Naast het CEER, introduceert het VEKP mogelijke maatregelen bij mestmanagement, beheer van de veestapel in het kader van nutriëntenemissies, toepassing van klimaatscans, genetische selectie op methaanefficiëntie…..
Waar vind je meer info?
- CEER
(Rundveeloket)
Fijn stof
Op dit moment zijn er geen rechtstreekse voorwaarden op vlak van fijn stof in het kader van de vergunningverlening. Daar waar we vandaag ook alle doelstellingen bereiken gaan er vanaf 2030 nieuwe strengere EU-grenswaarden in werking. De WGO-advieswaarden voor fijn stof zijn nog strenger. Vandaar werd er een Vlaams luchtbeleidsplan 2030 opgesteld. Dit plan bevat een aantal maatregelen, waaronder ook enkele voor de landbouwsector.
Voor de landbouwsector zijn er vier voorgestelde maatregelen:
- de introductie van een elektronisch monitoringsysteem op luchtwassers in varkens- en pluimveestallen om de goede werking van deze wassers te verzekeren;
- het opleggen van een hogere minimale verwijderingsefficiëntie voor nieuwe luchtwassers;
- verstrengde voorwaarden voor emissiearme aanwending van mengmest op het land, in combinatie met duidelijke constructievoorschriften;
- betere voorschriften voor het gebruik van ureum als kunstmest.
Doordat de vorming van secundair fijn stof samenhangt met ammoniakemissies ligt er in de landbouwsector een groot potentieel voor het reduceren van PM2,5-concentraties. De hierboven beschreven maatregelen focussen daarom voornamelijk op het verminderen van ammoniakemissies.
Tegelijk blijft het belangrijk om geurhinder voor omwonenden zoveel mogelijk te beperken. Als de geurimpact te hoog is, wordt bekeken welke haalbare maatregelen mogelijk zijn. Zo biedt het kader meer rechtszekerheid en helpt het veehouders om hun bedrijf duurzaam verder uit te bouwen.
Waar vind je meer info?
- Luchtbeleidsplan
(Vlaamse Milieumaatschappij)
Geur
Sinds 2026 is er een nieuw geurbeoordelingskader waardoor er voor veehouders meer houvast is bij vergunningsaanvragen. Het kader geeft aan wanneer een geurstudie nodig is en hoe de geurimpact van een bedrijf wordt beoordeeld. Daarbij wordt rekening gehouden met de ligging van het bedrijf, de bestaande situatie en de geur van andere veehouderijen in de omgeving. Het kader wil landbouwbedrijven in agrarisch gebied beter beschermen, zeker wanneer er zonevreemde woningen in de buurt zijn.
Tegelijk blijft het belangrijk om geurhinder voor omwonenden zoveel mogelijk te beperken. Als de geurimpact te hoog is, wordt bekeken welke haalbare maatregelen mogelijk zijn. Zo biedt het kader meer rechtszekerheid en helpt het veehouders om hun bedrijf duurzaam verder uit te bouwen.
Waar vind je meer info?
- Geurbeoordelingskader
(Departement Omgeving)